• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
Annemiek Onstenk Journalist

Annemiek Onstenk Journalist

tekst, redactie & research

  • Home
  • Tekst
  • Redactie
  • Research
  • CV
  • Klanten
  • Contact
  • Kanaalpost

Publicaties

Mienskipkeunst

10 juli 2018 door Annemiek Onstenk

Panorama Franeker is een landschap van stemmingen waarin Friese ggz-cliënten hun binnenwereld naar buiten brengen. Insideout. [Lees meer…] overMienskipkeunst

Categorie: Psychische kwetsbaarheid, Recente artikelen

Mienskipkeunst in Franeker

15 juni 2018 door Annemiek Onstenk

Insideout heet het panoramisch doek dat tot eind juli te zien is bij Groot Lankum in Franeker. Ruim honderd (ex)psychiatrische patiënten uit Friesland schilderden een kleurig landschap van stemmingen. ‘Ik ben vrolijker geworden,’ zegt een van de panoramisten. Panorama Franeker is community art die niet alleen de kijkers opfleurt, ook de makers.

in: Deviant, juni 2018

Thea Gerritsen bedacht twee jaar geleden dat zij in het kader van Leeuwarden, culturele hoofdstad 2018 wilde laten zien dat er in psychisch kwetsbare mensen kunstzinnige talenten schuilen. Het gaat haar als raadsvrouw in de ggz aan het hart dat zij zo vaak kansarm zijn, terwijl ze zoveel kunnen. Zij betrok kunstenaar Baukje Spaltro, zelf ervaringsdeskundige in de psychiatrie, bij het ontwikkelen van een kunstproject. Hun plan groeide uit tot megaproject Panorama Franeker, waar (ex)cliënten uit de hele provincie bij betrokken zijn, maar ook veel zorg- en welzijnsorganisaties, begeleiders, sponsors en gemeenten.

Binnenstebuiten

Op negen locaties in de provincie ging Spaltro aan de slag met groepen (ex)cliënten uit de ggz. Iedere groep kreeg de opdracht de eigen beleving van het Friese landschap uit te beelden op het doek. De deelnemers begonnen met praten en brainstormen, vervolgens schilderden zij in samenwerking onder andere wouden, duinen en het wad. Baukje Spaltro maakte van de negen doeken één panoramisch geheel van 40 meter in de rondte, het landschap van stemmingen waar deelnemers hun binnenwereld naar buiten brengen. Insideout.

Elisa (34) uit Heerenveen schilderde vogels, molens en riet. Op de dagbesteding waar ze ? keer per week naartoe gaat, maakte ze altijd donkere duistere schilderwerken. Voor het panorama gebruikte ze heldere kleuren en ze blijft met kleur werken, vertelt ze. ‘Ik ben vrolijker geworden.’ Ook Yaron (29) uit Heerenveen schilderde al bij de dagbesteding. ‘Ik heb ADD, daarom is het druk in m’n hoofd. Schilderen houdt me helder, het geeft me focus.’ Hij werd uitgenodigd mee te doen met het kunstproject van Thea Gerritsen en Baukje Spaltro. Dat beviel. ‘Dat uit het niets zoiets moois kan ontstaan is fascinerend. Ik vond het wordingsproces nog leuker dan het eindproduct.’ De vrijheid waarin hij kon schilderen had voor hem toegevoegde waarde. ‘Ik heb verschillende banen gehad, maar viel steeds uit vanwege de werkdruk. Hier voelde ik me vrijer en meer gewaardeerd dan in een gewone werkkring.’ Anneke (58) uit Sneek kreeg rond haar 50ste een depressie en later de diagnose autisme. Zij begon op haar 53ste met schilderen. ‘Wat je met woorden niet kunt, kun je beeldend wel uitdrukken.’ Ze schilderde onder andere een molletje. ‘Dat is een metafoor voor mezelf: blind en in de luwte.’

Samenwerken

Naast het vanuit de eigen beleving kunst creëren, noemen mensen samenwerken als tweede positieve effect van Panorama Franeker. Elisa dacht dat zij moeite zou hebben met samenwerken in een groep. ‘Ik nam echter de leiding en zorgde zelfs voor anderen. Je realiseert ook dat je niet de enige bent met psychische problemen. De samenwerking heeft me heel goed gedaan. Jammer dat het maken van het panorama afgelopen is.’ Anneke hield aanvankelijk de boot af. ‘Werken in een groep is niet mijn ding, maar bij het panorama schilderen ontmoette ik heel interessante mensen. Ik kwam in een andere wereld dan normaal. Je voelt elkaars kwetsbaarheid. Je bent wie je bent en hoeft je hier niet te verdedigen. Ik hoop contact te houden met de vriend/inn/en die ik maakte. Ik heb niet veel vrienden, dit heeft echt wat extra’s geboden.’

Artistiek leider Baukje Spaltro is meer dan trots op het kleurige resultaat en haar mienskip, haar gemeenschap van panoramisten. ‘Panorama Franeker nodigt je uit om anders te kijken naar het Friese landschap, de ander en de psychiatrie.’

Het Panorama Insideout is tot 29 juli te bewonderen op het terrein van GGZ Friesland Groot Lankum in Franeker www.panoramafraneker.nl

Categorie: Psychische kwetsbaarheid, Weblog Tags: kunst en psychiatrie

Samenwerken levert meer op dan aparte zorg en arbeidsre-integratie

13 juni 2018 door Annemiek Onstenk

Gemeenten, UWV, GGZ en servicepunten voor werkgevers werken steeds meer samen om betaald werd mogelijk te maken voor uitkeringsgerechtigden met psychische problematiek.

[Lees meer…] overSamenwerken levert meer op dan aparte zorg en arbeidsre-integratie

Categorie: Arbeid en sociale zekerheid, Psychische kwetsbaarheid, Recente artikelen

‘Ik wil dat meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk gaan’

11 april 2018 door Annemiek Onstenk

‘Ons sociaal stelsel werkt exclusie in de hand in plaats van een inclusieve arbeidsmarkt,’ zegt staatssecretaris Tamara van Ark van Sociale Zaken en Werkgelegenheid tijdens de jaarlijkse Cedris-lezing in Den Haag.

[Lees meer…] over‘Ik wil dat meer mensen met een arbeidsbeperking aan het werk gaan’

Categorie: Arbeid en sociale zekerheid, Meedoen met een beperking, Recente artikelen

Weert doet wonderen

27 maart 2018 door Annemiek Onstenk

in Zorg+Welzijn, febr 2018

Boze tongen in Weert beweren dat in het zelfregiecentrum aldaar “werkweigeraars en verslaafden” komen. De overbuurman wil niet op het “uitschot” uitkijken. Daarom staat op de oprijlaan van het centrum vaak een scherm, waarachter bezoekers een sigaretje roken of kletsen. Vrijwilligers sjouwen met oud ijzer ‘voor Roemenië’ of met kleding die is gebracht ‘voor het winkeltje’. In het zelfregiecentrum kun je koffiedrinken, de handen uit de mouwen steken, informatie halen of een cursus volgen. Dagelijks maken tientallen mensen gebruik van de inloop. Zwaar getatoeëerde vrouwen en mannen, jongeren en ouderen, vluchtelingen, deftige dames, uitbundige en in zichzelf gekeerde gasten. Zij denken heel anders over hun centrum dan sommige van hun stadgenoten. Zoals Henk (57) die er begon als bezoeker en nu vrijwilliger is. ‘Ik was een stoere bouwvakker, die normaal niet in de ggz terechtkomt.’ Maar Henk, afgekeurd voor z’n werk en een fors lager inkomen, dus wel. Hij viel in een zwart gat en bezocht een psychiater. ‘Ik kon niets met adviezen als “Je moet positiever tegen dingen aankijken”. Eigenlijk zag ik het leven niet meer zitten.’ Tot iemand hem op het zelfregiecentrum wees. Daar konden ze goed een klusjesman gebruiken. Henk ging erheen met z’n gereedschapskist en is er sindsdien iedere dag. ‘In het begin sloeg ik spijkers recht, nu heb ik een mooie werkplaats achterin de loods die bij het centrum hoort. Het zelfregiecentrum gaat om 09:00u open, maar ik ben er al om 08:05u.’ Hij is blij iets om handen te hebben. ‘Ik kan weer mensen blij maken en wou dat ik er twee jaar eerder achter was gekomen dat dit bestond.’

Bezoekers die vaker komen, kennen de (ongeschreven) regel dat je niet steeds anderen voor je laat rennen. Je zet ook zelf eens koffie, wast af of warmt een blik soep op voor de hele groep. Niet alleen de vijf betaalde medewerkers en vrijwilligers bieden een luisterend oor, dat doen bezoekers ook onder elkaar.

Jozé-zorg

Henks ode tekent de waarde die een dergelijke multifunctionele voorziening voor mensen persoonlijk kan hebben. Zelfregiecentrum Weert, in 2013 gestart door Jozé Moonen, ervaringsdeskundige seksueel misbruik, verslaving en schuldenproblematiek en opgeleid als sociaalpedagogisch hulpverlener, wil ook een alternatief zijn voor reguliere zorg. Door laagdrempelige inloop, gasten die aansluiting vinden bij anderen en verleid worden tot betekenisvolle activiteiten proberen de medewerkers van het zelfregiecentrum crisisopnames in de verslavingszorg, ggz of maatschappelijke opvang te voorkomen.

Mensen die vastliepen in de ggz of zwaar verslaafd waren, komen hier tot hun recht, of zelfs tot bloei. Neem John, op z’n twaalfde aan de wiet en als zeventienjarige uit huis. ‘Ik kom uit een boerendorp, dat matcht niet met drugs.’ Hij was tien jaar dakloos, had een hoofd vol chaos en versleet veel hulpverleners. Hun hulp kwam echter niet binnen. ‘In de reguliere zorg moet je eerst formulieren invullen voordat ze met je in gesprek gaan,’ zegt John. ‘Jozé Moonen was anders. Zij praatte gewoon als mens met me, niet van achter een bureau maar op straat. Jozé gaf me handvatten waarmee ik een andere weg insloeg, net voordat ik mezelf tussen zes planken had gesnoven. Jozé-zorg is langs iemand staan, jezelf opbouwen komt van binnenuit.’

Jozé Moonen noemt dat naast iemand gaan staan het begin van ‘meegaan in herstelprocessen’. ‘Je gaat een gelijkwaardige relatie aan en laat mensen voelen dat zij er toe doen. Tijdens het luisteren zoek je een haakje van verbinding. Is er contact, dan kun je dat verstevigen.’ Ze geeft een voorbeeld van een cliënt met wie een FACT-team niet verder kwam en dat daarom haar inschakelde. ‘De cliënt is suïcidaal, worstelt met stemmen in z’n hoofd en is medisch gesproken uitbehandeld. Hij wil inzicht krijgen in die stemmen en ermee om leren gaan.’ Er was ‘verbinding’ en hij vroeg Jozé Moonen zijn gesprekspartner te worden. Zelfmoord voorkom je er niet mee, denkt zij, maar je kunt iemand wel hoop geven. ‘Toen hij vertelde een auto als op een röntgenfoto te zien, vroeg ik of hij goed is in techniek. Dat bleek het geval. Als mensen zich, vaak na teleurstellingen in de hulpverlening, weer open durven stellen, laat de volgende stap niet lang op zich wachten. Men raakt betrokken bij anderen en ziet weer perspectief.’

Maatschappelijke waarde

In de reguliere zorg is het aantal sessies vanwege de vergoeding beperkt, in een zelfregiecentrum kunnen ‘lastige’ mensen tien keer met hetzelfde verhaal komen. Oefenen, op hun bek gaan en opkrabbelen in eigen tempo. De keuze om (n)iets te willen of ondernemen, ligt bij de bezoekers. Jozé Moonen: ‘De één oefent met agressie, de ander met dagbesteding of respect voor elkaar. Wij proberen hen verder te helpen, door het vrijwilligerswerk dat zij kunnen doen en het zelfvertrouwen dat ze hier opbouwen. Daar heeft ook de maatschappij baat bij. Door de verbinding die wij leggen, bespaart de overheid zorg-, justitie- en politiekosten. Of onze mensen weer willen meetellen in de maatschappij is echter aan hen zelf.’

Bezoekers kunnen vrijwilliger worden in het centrum, vrijwilligers betaalde kracht. De vijf betaalde krachten die momenteel in Zelfregiecentrum Weert werken, hebben alle vijf een achtergrond als ggz-cliënt, dakloze of verslaafde. Zij proberen mensen weer bij de gemeenschap te betrekken, zonder behandelplannen, zorgpaden of tijdsdruk. Bij John, die, naar eigen zeggen vroeger ‘altijd gedonder had’ en ‘overal werd uitgekotst’, lijkt dat goed gelukt. Hij werd zelf één van die betaalde medewerkers en is nu ruim twee jaar in dienst bij het centrum, staat er voor iedereen klaar en is uit de uitkering.

 

Kader

Financiering

Zorg+Welzijn liep een dag mee in het zelfregiecentrum in Weert. Er zijn ook centra in onder andere Venlo, Oss, Nijmegen, Leiden, Middelburg, Den Haag, Utrecht en Deventer. Het Zelfregiecentrum Weert is opgericht op verzoek van de gemeente en wordt bekostigd vanuit de Wmo. Andere centra voorzieningen worden (mede)gefinancierd door gemeenten en/of zorgverleners/verzekeraars, als pilot, integrale algemene voorziening, laagdrempelige dagopvang voor dak- en thuislozen of inloop ggz-cliënten. Een aantal zelfregiecentra moet elk jaar opnieuw subsidie aanvragen of meedingen bij de aanbesteding.  Soms past de gang van zaken in het aanvragende centrum niet bij de inkoop- of subsidiecriteria. Bijvoorbeeld als een gemeente inzet op de doorstroom of het beter worden van deelnemers en gebruikers, terwijl hun behoefte aan ondersteuning structureel is en een algemene voorziening beter aansluit bij het eigen tempo van bezoekers. Of als de subsidie is bedoeld voor dienstverlening aan één doelgroep, terwijl een zelfregiecentrum laagdrempelig is en open voor iedereen, van ggz-cliënten tot verslaafden en dak- en thuislozen, met of zonder diagnose of indicatie. Het tijdelijke en voorwaardelijke karakter van de bekostiging wringt waar kwetsbare mensen herstellen terwijl de verslaving en/of aandoening blijft. Opkrabbelen en aansluiting vinden bij de samenleving is niet hetzelfde als genezen. Als mensen vrijwilliger of betaalde kracht in een zelfregiecentrum worden, is dat een regulier werkverband. Het is geen voorstadium of springplank naar de ‘gewone’ arbeidsmarkt.

 

Categorie: Meedoen met een beperking, Psychische kwetsbaarheid

Na de gevangenis

13 februari 2018 door Annemiek Onstenk

Als kwetsbare mensen vanuit de gevangenis terugkeren naar de maatschappij, is goede ondersteuning verre van vanzelfsprekend. Maar wel zeer nodig.

in Zorg+Welzijn, 2016

Ongeveer de helft van de gedetineerden in Nederland heeft een ernstige psychiatrische aandoening, vaak in combinatie met verslaving en/of een verstandelijke beperking. Een deel van hen ontvangt zorg in de gevangenis, gericht op stabilisering, medicatie en motiveren voor behandeling. Je zou willen dat de reguliere Ggz, gemeente en hulporganisaties de begeleiding na detentie overnemen. Continuïteit van zorg kan terugval en nieuwe misdrijven voorkomen. Er zijn goede voorbeelden, maar standaard is het niet. ‘Het ontbreekt onder meer aan een juridisch kader om ex-delinquenten met psychische problematiek zonder vrijheidsbeperking door te behandelen,’ zegt psychiater Erik Masthoff, directeur Zorg en behandeling van Penitentiaire Inrichting (PI) Vught.

Volgens Masthoff beseffen publiek, politiek en zorgprofessionals onvoldoende hoeveel delinquenten een ernstige psychische stoornis hebben en dat zij relatief kort zitten opgesloten. Verdachte en veroordeelde gedetineerden, dus geen tbs´ers, zitten in Nederland gemiddeld 112 dagen vast, vijftig procent van hen komt binnen een maand vrij. ‘Burgers, gemeenten en zorginstellingen krijgen dus vroeg of laat te maken met deze groep ex-gedetineerden met psychische aandoeningen,’ aldus Masthoff. ‘Het gaat, alleen in Vught al, om enkele honderden gedetineerden per jaar. Zij zijn patiënt als ze bij ons komen en zullen dat ook na detentie zijn. Onze zorg is slechts een kleine schakel in het grotere geheel. Anderen moeten het na detentie overpakken.’ Dat lukt helaas maar matig, vertelt hij. ‘Op de Ggz is fors bezuinigd, een derde van de bedden verdwijnt. Patiënten kunnen de autonomie die de overheid van burgers verwacht niet aan en de maatschappij is weinig verdraagzaam tegenover deze groep.’ Daar komt bij dat ‘onze mannen’, zoals Masthoff zegt, de gevangenis clean verlaten, maar in vrijheid snel weer aan drugs komen. Jessica Wesselius, portefeuillehouder Zorg van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) deelt de zorgen van Masthoff. ‘Er is een tekort aan beschermd wonen en intensieve zorg die veel ex-gedetineerden nodig hebben, sommigen misschien wel hun hele leven,’ stelt zij. ‘Wil men hen na detentie ‘in de tang’ krijgen, dan is de inzet van veel mensen en organisaties vereist en zijn overkoepelende afspraken nodig. Het gaat om zorg in brede zin, van schuldhulp tot huisvesting en een steunsysteem.’

Brede zorg

GGZ Oost Brabant is één van de zorgverleners die met ex-gedetineerden te maken krijgen. Ruim 200 cliënten ontvangen momenteel forensische zorg van de FACT-teams en de Forensische Poli van GGZ Oost Brabant. Twee derde van hun cliënten in de forensische zorg heeft geen strafrechtelijke titel en kan dus niet verplicht behandeld worden. Wel staan zij bijvoorbeeld nog onder toezicht van de reclassering. Om mensen te motiveren zich te laten behandelen, investeert GGZ Oost Brabant veel in de relatie met hun patiënten. Psychiater Henk Morre: ‘Anders zijn we hen op voorhand al kwijt. Paranoïde patiënten krijg je makkelijker mee dan psychotische. Wat ook motiveert om door te zetten, is als ze merken dat medicijnen helpen.’ Toch is er weinig therapietrouw. ‘Als patiënten niet komen opdagen, bezoekt een SPV’er hen thuis. Of gaat onze Bemoeizorg eropaf.’ Cliënten die ook schulden en huisvestingsproblemen hebben, probeert men door te leiden naar de maatschappelijke opvang, RIBW of gemeente,’ zegt Henk Morre. ‘We hebben bovendien kort lijnen met de politie.’

Gemeente Helmond heeft een trajectregisseur bijzondere doelgroepen, Rob van Dijk. Hij coördineert onder andere de nazorg voor ex-gedetineerden en bewaakt de afstemming tussen verschillende zorgaanbieders. Precieze cijfers over het bereik van de doelgroep en over uitvallers tijdens het zorgtraject, heeft hij niet. Maar dat het zorgaanbod ‘niet sluitend’ is, staat voor Rob van Dijk vast. ‘Ik zie steeds meer mensen tussen de wal en het schip vallen, ook in een gemeente als Helmond. Nazorg voor ex-gedetineerden en ander Ggz-cliënten die mogelijk gevaar voor zichzelf of de omgeving opleveren, is op vrijwillige basis. Mensen hebben zelfbeschikkingsrecht, kunnen weigeren dat informatie over hen wordt gedeeld en moeten zolang mogelijk zelfstandig wonen. Binnen het huidige wettelijke kader kun je als zorgaanbieder soms weinig doen. Regelmatig zie je dat justitie en zorg naar elkaar (ver)wijzen. Vooral voor mensen met een antisociale of persoonlijkheidsstoornis is de zorg ontoereikend. Ook zijn er te weinig aangepaste woonvoorzieningen. Je kunt in Nederland heel lang rondlopen voordat je iets móet. Pas als iemand een misstap begaat, grijpt justitie in en ontstaat een kader voor behandeling of verplichte begeleiding.’

Stichting Maatschappelijke Opvang Helmond (SMO) is een van de zorgaanbieders in het ‘traject nazorg ex-gedetineerden’. Directeur Bart Hendriks bevestigt dat mensen uit de doelgroep die geen zorg willen, buiten beeld blijven. ‘Alleen als er zorgen over hen zijn of als zij overlast geven, krijgen we hen in het vizier. Dan zoekt Bemoeizorg contact of bespreken we hen in het overlastteam.’ Een deel van de cliënten met een detentieverleden heeft men wel ‘in de tang’. Zij zijn onderwerp van casusbesprekingen in het Veiligheidshuis Brabant Zuidoost en worden ‘warm’ overgedragen aan organisaties als SMO. Daar krijgen cliënten woonbegeleiding als zij niet zelfstandig kunnen wonen en arbeidsmatige dagbesteding of arbeidstraining. Uit jaarverslagen over 2014-2015 blijkt dat enkele cliënten na sociale activering uitstromen naar regulier en vrijwilligerswerk. De meeste cliënten vertrekken naar een volgende zorg/opvangvoorziening.

Zorgcontinuüm

Erik Masthoff van PI Vught vindt het zorgaanbod ná detentie belangrijker dan tijdens gevangenschap. ‘We zijn in de PI vanaf dag één bezig om vervolgzorg te regelen. Maar zelfs als die er is, gaat het in de vrije samenleving toch vaak weer mis, door drugs, werkloosheid of verkeerde vrienden. De meeste mannen zien we hier vaker, het merendeel is recidivist. De stoornis vormt een extra risico voor herhaald in de fout gaan. Mensen met bijvoorbeeld een psychose hebben weinig ziektebesef en staan niet open voor verdere behandeling, terwijl ze goed behandelbaar zijn. De enige manier om hen verder te behandelen is een wettelijk verplichte behandeling na detentie,’ meent Masthoff. ‘Ik ben terughoudend waar het drang en dwang betreft, maar voor sommige patiënten is het de enige manier om te zorgen dat ze niet in zeven sloten tegelijk lopen. Voor onze zieke mannen is een zorgcontinuüm nodig.’

http://www.ggzoostbrabant.nl/  http://www.smo-helmond.nl/ http://veiligheidshuisbrabantzuidoost.nl/

Categorie: Detentie & psychiatrie

  • « Ga naar Vorige pagina
  • Pagina 1
  • Interim pagina's zijn weggelaten …
  • Pagina 5
  • Pagina 6
  • Pagina 7
  • Pagina 8
  • Pagina 9
  • Interim pagina's zijn weggelaten …
  • Pagina 38
  • Ga naar Volgende pagina »

Primaire Sidebar

Publicaties
  • Stadmaken niet voor de hippie few alleen
    Zij luisteren naar de naam stadmakers, timmeren flink aan de weg en vinden gehoor bij politiek, publiek en bestuur. Wat ...
  • Miljoenen voor innovatie sociale ondernemingen en leer/werkbedrijven
    SW bedrijven kregen in 2015 extra geld van het rijk voor ‘innovatie en transformatie’. Deze impuls lijkt de kansen op ...
  • Een verschuiving van therapie naar educatie. Herstelacademies in ggz en welzijn
    In herstelacademies verzorgen ervaringsdeskundigen zelf de groepen, cursussen en trainingen.  Het 25-jarig bestaan van vakblad Participatie en herstel is op ...
  • <<
  • 1
  • ...
  • 14
  • 15
  • 16
  • 17
  • 18
  • 19
  • 20
  • 21
  • 22
  • 23
  • 24
  • ...
  • 75
  • >>

Artikelen

Selecteer subcategorie
category
6a1c483d14556
1
1
27
Loading....

Volg mij op

  • LinkedIn

© 2026 Annemiek Onstenk, journalist | Tekst, redactie & research | Techniek WordPress | Realisatie Zin in Webdesign