• Spring naar de hoofdnavigatie
  • Door naar de hoofd inhoud
  • Spring naar de eerste sidebar
Annemiek Onstenk Journalist

Annemiek Onstenk Journalist

tekst, redactie & research

  • Home
  • Tekst
  • Redactie
  • Research
  • CV
  • Klanten
  • Contact
  • Kanaalpost

Archief voor januari 2010

Handelingsonbekwaam

31 januari 2010 door Annemiek Onstenk

Pleegouders kunnen geen paspoort of bankrekening aanvragen voor het kind dat aan hun zorgen is toevertrouwd. Het gezag over pleegkinderen ligt bij de biologische ouders of de gezinsvoogd. Pleegouders beslissen niet over de schoolkeuze, noch over eventuele operaties, omgangsregeling of buitenlandse reis. Groeit het kind op en krijgt het, met toestemming van de biologische ouder of gezinsvoogd, een eigen bankrekening, dan zijn zíj bewindvoerder over die rekening, niet het minderjarige kind of de pleegouder.

Wat genoemde levensverrichtingen betreft zijn pleegouders handelingsonbekwaam, net als gehuwde vrouwen voor 1956.

De wetgever noemt personen handelingsonbekwaam als ze niet voor zichzelf kunnen zorgen (laat staan voor een ander) of tegen zichzelf beschermd moeten worden, zoals mensen met een verstandelijke beperking en verslaafden. Zij worden onder curatele gesteld, kunnen niet zelfstandig handelen en moeten voor elke belangrijke beslissing in hun leven toestemming vragen. Pleegouders – het woord zegt het al – zorgen per definitie voor een ander maar kunnen wat betreft hun pleegkinderen niet juridisch handelen, hoe lang zij ook voor hen zorgen.

Bij gehuwde partners met kinderen gaat bij echtscheiding het gezag meestal naar de verzorgende ouder. Ook in geval van Nederlandse ouders die met een buitenlandse partner waren getrouwd en na scheiding in conflict komen over het ouderlijk gezag, wijst de rechter het gezag meestal toe aan de verzorgende ouder. Bij pleegzorg is feitelijk het tegenovergestelde het geval, daar ligt het gezag bij de níet-verzorgende ouder.

Hoewel er meer aandacht is gekomen voor de rechtspositie van pleegouders (en die van pleegkinderen is daar nauw mee verbonden), zijn er nog geen tekenen dat deze scheve situatie wordt rechtgetrokken.

Categorie: Weblog Tags: handelingsonbekwaam

Halen en brengen

30 januari 2010 door Annemiek Onstenk

De Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) inspireert mensen tot creatief en sociaal ondernemen. Zoals Sonja Visser uit Venlo. Zij zette een participatiecentrum op voor mensen aan de rand van de samenleving.

De overheid spreekt mensen met de Wmo aan op hun zelfstandigheid en eigen verantwoordelijk-heid, op meedoen en betrokkenheid. Of het nu gaat om zelfredzaamheid thuis, (vrijwilligers)werk, inburgering of buurtactiviteiten. Gemeenten beschikken over een participatiebudget voor voorzieningen rond werk, inkomen, zorg en welzijn.

Het participatiecentrum van Sonja Visser past goed in dit beleid. Bezoekers lopen haar centrum binnen voor informatie, advies of een verwijzing. Ze kunnen er ook terecht voor dagbesteding, scholing, ondersteuning, begeleiding, coaching, ja zelfs crisisinterventie, activering, een participatiebaan of een opstapje naar begeleid/regulier werk. Visser wil mensen ondersteunen bij het beklimmen van de zogenoemde ‘participatieladder’: via contacten leggen en ontmoeten naar activiteiten en (vrijwilligers)werk. Sleutelbegrippen zijn ‘zelfregie’ en ‘maatschappelijk herstel’, waarbij de nadruk ligt op wat mensen kunnen en te bieden hebben, niet op hun kwetsbaarheid. ‘Maatschappelijk herstel is meer dan arbeidsre-integratie alleen,’ zegt Visser. 

De deelnemers zijn er bovendien niet alleen voor zichzelf, ze zijn er ook voor elkaar: met hun ervaringsdeskundigheid kunnen zij elkaar wederzijds van dienst zijn. ‘Lotgenoten helpen is een zinvolle dagbesteding, die bovendien vaardigheden en zelfvertrouwen oplevert.’  De dagactiviteiten zijn zowel zorg als (vrijwilligers)werk. Sonja Visser noemt haar methode ‘halen en brengen’, waarbij rollen van klant (doorgaans halen) en professional (meestal brengen) kunnen wisselen.

Het centrum bevindt zich niet op een eiland. Visser werkt samen met maatschappelijke partners, het zorgkantoor en de Sociale dienst. Zij vinden Visser’s manier van werken verfrissend. De gemeente verwijst mensen in de bijstand naar het participatiecentrum van Visser.  Er zijn vijf mensen een participatiebaan vanuit de afdeling Werk, Inkomen en Zorg, en vijf vrijwilligers. Tien mensen doorlopen een begeleidingstraject.

Sonja Visser heeft haar centrum gerealiseerd met vrijwillige inzet, zonder een beroep te doen op gemeentesubsidie of AWBZ-vergoeding. Nu haar centrum draait en vaste vorm heeft gekregen, heeft ze gemeente Venlo om subsidie gevraagd. Ze vindt dat budgetten de mensen moeten volgen in plaats van dat mensen in wettelijke regelingen moeten passen. Haar pogingen om subsidie te krijgen voor het participatiecentrum hebben tot nu toe niet tot resultaat geleid.

Wmo-staatssecretaris Bussemaker heeft gemeenten onlangs gevraagd de schotten tussen de Wet werk en bijstand, de Wmo en de Wet sociale werkvoorziening weg te nemen en één breed pad te effenen voor participatie. Zal Venlo vandaag of morgen met meer over de brug komen dan het inkopen van trajecten?

Gemeente Venlo laat desgevraagd weten dat de diensten en trajecten van het participatiecentrum voor financiering in aanmerking komen, maar het nieuwe centrum zelf niet. Wel kan Visser haar activiteiten uitvoeren vanuit een bestaande laagdrempelige en door de gemeente gesubsidieerde ontmoetingsruimte, zoals een dagactiviteitencentrum of gemeenschapshuis.

Categorie: Arbeid en sociale zekerheid, Lokaal sociaal beleid Tags: participatiecentrum

Café Mogadishu

27 januari 2010 door Annemiek Onstenk

Het was weer zover: een avond over de islam. Nu je als journalist nauwelijks meer meetelt wanneer je niet met tientallen mensen twittert (‘Ik wordt gevolgd door 144 mensen, terwijl ik er nooit iets op doe!’, hoorde ik een collega-journalist tegen z’n buurman opscheppen.) en niet honderden mensen in je LinkedIn netwerk hebt, dan toch minstens Het Islamdebat volgen.

In de Rode Hoed werd het boek Café Mogadishu van Robbert van Lanschot gepresenteerd. De auteur bood het boek aan aan niemand minder dan minister Eberhard van der Laan. NRC-journalist Pieter van Os leidde de avond. In de aankondiging las ik bovendien dat Van Lanschot tijdens zijn ‘omzwervingen in een ander Nederland’ verontrustende dingen had ontdekt. Dit beloofde een interessante avond te worden.

In de zaal veel grijze oude en jonge nieuwe Nederlanders. Van Lanschot is diplomaat voor Buitenlandse Zaken en verkeerde veel in verre, exotische landen. Hij deed de nodige ervaring op in brandhaarden als Bosnië. ‘Overzee’ is het mooiste woord in de Nederlandse taal dat ik ken, stelde hij bij de presentatie. Mede door zijn internationale gerichtheid was het Robbert van Lanschot kennelijk niet eerder dan pas onlangs  opgevallen dat een wijk als de Schilderswijk in zijn woonplaats Den Haag van kleur was verschoten. Hij besloot op avontuur uit te gaan om dat ‘andere Nederland’ te leren kennen. Zo komt hij erachter waarom moslims op straat spugen. Volgens de voorschriften mogen zij tijdens de ramadan tussen zonsopgang en zonsondergang geen speeksel doorslikken, dus spuugt men op de grond. Voor eigen speeksel doorslikken wordt wel eens een oogje dicht gedaan, maar het speeksel van een ander doorslikken, bijvoorbeeld na tongzoenen, is een doodzonde.

Er wordt besmuikt gelachen.

Van Lanschot leest een aantal passages uit Café Mogadishu voor, waaronder een stukje over een jongensuur in een moskee dat hij bij mag wonen. De bijeenkomst is aangekondigd als les in Nederlandse normen en waarden, maar blijkt gewoon een Koranles te zijn. Betrapt!

Een volgende passage gaat over een imam die jonge moslimmannen onderwijst over het veroveren van een vrouw. Toon respect tegenover de vader en doe het rustig aan, aldus de imam, bied niet meteen een heel schaap aan, want je weet nooit of de deal doorgaat. Vergelijk het met de aankoop van een auto: een ander kan er ook in geïnteresseerd zijn.

Inderdaad, erg genoeg.

Hier en daar voorzichtig gelach in de zaal.

De uitsmijter van de avond is de waarneming van de auteur in een benzinestation. De wegen van moslims en Hollanders, zoals Van Lanschot nieuwe en oude Nederlanders noemt, scheiden zich na het tanken. De moslim koopt er een flesje water bij en rekent af. De Hollander trekt eerste een broodje ham uit de muur, koopt vervolgens snoep, etc. Voor moslims is dat haram (onrein, verboden), zegt Van Lanschot. Hij vult deze metafoor aan met de informatie dat er in moslimkringen lijsten circuleren met verboden E-stoffen in voedingswaren. Het brengt hem tot de conclusie dat er van de integratie in Nederland weinig terecht komt als moslims ‘onze kaas, ons vlees noch ons brood’ mogen eten.

Aarzelend steken enkele hier geboren nieuwe Nederlanders hun hand op. Houdt de man met wie zij zulke aardige gesprekken voerden, hen voor het lapje? Zet hij hen, hun cultuur en religie voor paal? Om maar eens twee oer-Hollandse gezegden te gebruiken. ‘Ik eet ook wel eens een broodje bij Deli France, niet met ham, maar met kruidenkaas,’ zegt een van hen. En een ander: ‘Vegetariërs of orthodoxe joden hebben toch ook hun speciale voedselgewoonten?’ So what?

Opnieuw een boek over het ene en het andere Nederland, ons en hun land, wij en zij.

Bij zijn inleiding had Van Lanschot gezegd in Nederland te vrezen voor segregatie en burgeroorlog, zoals in voormalig Joegoslavië. Hij verwijst zelfs naar de  joden in de jaren dertig van de vorige eeuw: zij waren goed geïntegreerd, geassimileerd zelfs, maar toch liep het verkeerd met hen af.

Van der Laan is vol lof over het boek. Van Lanschot doet hem zowaar denken aan Multatuli! De angst en zorgen van Van Lanschot deelt hij echter niet. De minister heeft ‘vertrouwen’ en ‘goede hoop’.

Als Van der Laan  zo enthousiast is, moet Café Mogadishu zeker kwaliteit hebben. Maar met zulke karikaturen en generalisaties als bij de presentatie, komen we niet verder in Nederland. Hoe kan een bereisd persoon zo wereldvreemd reageren? Ik denk aan de Somalische vluchtelingen die Nederland tien jaar geleden verruilden voor Engeland en daar Brinta, Nutrix en Calvé-pindakaas eten, omdat ze niet meer zonder kunnen. Speelt daar dan het probleem van overintegratie?

Van Lanschot zal het allemaal goed bedoelen. Maar als hij, tien jaar na het artikel het multiculturele drama van Paul Scheffer, boodschapper wil zijn, moet hij meer in zijn mars hebben. Diplomatieker zijn misschien.  Nu manifesteerde hij zich vooral als een Catweazle van de Lage landen.

Categorie: Weblog Tags: Catweazle

Raadplegingen

24 januari 2010 door Annemiek Onstenk

Laten we ouderen in verzorgingshuizen en woon/zorgvoorzieningen in een referendum vragen of zij van mening zijn dat zij zelf voor ‘wonen’ moeten gaan betalen en alleen ‘zorg’ nog uit de AWBZ  wordt vergoed. Is er geen draagvlak voor deze voorgenomen maatregel, dan komt die er niet.

Vraag scholieren of hun school meer uren les per jaar moet gaan geven en geiten zonder Q-koorts of ze vinden dat ze geruimd moeten worden. Laten we zorggebruikers de vraag voorleggen of de maandelijkse zorgtoeslag omhoog of omlaag moet en Afghanen of Nederland de missie in Uruzgan moet verlengen of stoppen.

Een algemene volksraadpleging zal uitwijzen of er een drie vierde meerderheid is voor de revolutionaire CDA-pilot voor zelfbestuur die heden ten dage ons land beroert.

Categorie: Politiek Tags: CDA-plan, volksraadpleging, zelfbestuur

Wilders? Spreekt u mee.

22 januari 2010 door Annemiek Onstenk

W: ‘U spreekt met de Hulpactie Haïti, wat kan ik voor u doen?’

O: ‘Ik wil mijn donatie doorgeven en de organisatie een tip aan de hand doen.’

W: ‘Welk bedrag wilt u doneren en wat is uw tip?’

O: ‘Ik ben zzp’er en heb deze week aangifte omzetbelasting over 2009 moeten doen. Ik zat net onder de grens waarop je btw afdraagt. Gelukkig maar, nu kan ik dat bedrag aan hulporganisaties in Haïti geven. Misschien kan de belastingdienst de omzetbelasting over 2009 van alle kleine zelfstandigen tot een bedrag van €1500,= per zzp’er aan Haïti schenken? Uw stem lijkt overigens sprekend op die van Geert Wilders.’

W: ‘Spreekt u mee.’

O: ‘Huh, u bij een hulpactie voor een straatarm zwart land?! Wat een verrassing!’

W: ‘Ja, voor noodhulp maak ik een uitzondering. Het gaat hier om een natuurramp, dan help je elkaar.’

O: ‘U leidt noodgedwongen een heel beschermd bestaan, dus krijgt al het nieuws vast vooral via die vermaledijde media. Heeft u op tv gezien dat er vanmiddag ruim honderd Haïtiaanse kinderen zijn aangekomen in Nederland, waarvan de meeste zijn geadopteerd en hier blijven?’ 

W: ‘Ze zijn welkom.’

O: ‘De immigratiestop uit niet-westerse landen voor vijf jaar die u bepleit, geldt niet voor hen?’

W: ‘Het zijn onschuldige kinderen.’

O: ‘Dat immigranten de eerste tien jaar van hun verblijf in Nederland geen recht op een uitkering hebben, zoals u voorstelt, geldt ook niet voor hen?’

W: ‘Ze zullen behandeld worden als alle andere adoptiekinderen van buiten Nederland en de EU.’

O: ‘En het maakt niet uit wat ze kosten? Of verwacht u dat kinderen uit een katholiek land minder problemen opleveren dan uit een islamitisch land?

W: ‘Mevrouw, ik moet weer eens verder, er willen meer mensen doneren.’

O: ‘Nog één ding, meneer Wilders. Een deel van Haïti is met de grond gelijk gemaakt, letterlijk. Als volwassen landgenoten de Haïtiaanse kleintjes willen volgen, wat dan?’

W: ‘Mijn partij is tegen het open deurbeleid van Nederland. Nederland is vol. Ik wil niet dat vreemdelingen blijven toestromen. Het zijn gelukszoekers, daarvan hebben we er nu genoeg. Maar ik zit hier nu als mens, mevrouw, niet als PVV-leider. Blijft u aan de lijn, dan noteren we uw gegevens. Goedenavond mevrouw.’

Categorie: Politiek, Weblog Tags: Haïti, Wilders

De Bilt omzeilt aanbesteding thuiszorg

22 januari 2010 door Annemiek Onstenk

Zorg + Welzijn – 2010

Na gemeente Raalte heeft nu ook De Bilt thuiszorg die niet Europees is aanbesteed. De gemeente zocht aanbieders die huishoudelijke hulp, zorg én welzijnsdiensten leveren. Het pakket is onderhands aanbesteed aan enkele lokale zorgorganisaties.

 In 2007 start De Bilt in twee wijken met een innovatief proefproject, MENS, om zorg en welzijnsdiensten ter ondersteuning van het zelfstandig wonen dichter bij de mensen te brengen. Het gemeentebestuur vindt de bestaande hulp te versnipperd en verkokerd. Hulpen in de huishouding van verschillende thuiszorgorganisaties komen stofzuigen, verzorgenden van weer andere organisaties helpen met de steunkousen en verpleegkundigen komen medicijnen verstrekken. Verantwoordelijk zorg- en welzijnswethouder Herman Mittendorff: ‘Het is te gek voor woorden dat er in één straat zoveel zorgaanbieders aan de deur komen, ieder op het eigen brommertje, zonder dat zij samenwerken of van elkaar weten wat ze doen.’ Dat moet anders, vindt het gemeentebestuur, en de Wmo biedt daarvoor de kans. Gemeenten regelen de thuiszorg sinds de wet van kracht is immers zelf en hebben daardoor een sturingsinstrument in handen.

Om draagvlak te creëren voor afstemming en integrale zorg vanuit een centrale locatie in de buurt start de wethouder overleg met tientallen lokale en regionale welzijnsstichtingen, zorgaanbieders, woningcorporaties en vrijwilligersorganisaties. Zij onderkennen het probleem en elf partners tekenen een convenant voor samenwerking. Daarna scheiden de geesten zich echter. Het werken vanuit één team, met huishoudelijke hulpen, verzorgenden en verplegenden van verschillende zorgaanbieders, stuit op grenzen en bezwaren. De ene organisatie zegt op een andere schaal te werken dan op wijkniveau, de ander dat men moeilijk met de concurrent kan samenwerken, etc.

Wel wordt in de twee proefwijken een wijkservicecentrum opgezet, met een Helpdesk waar bewoners hun hulpvraag voor kunnen leggen en een Adviseur wonen, welzijn en zorg om de klant naar de gewenste zorgaanbieder te leiden.

Aanbestedingskalender

Als het niet lukt zorgaanbieders vrijwillig samen te laten werken in integrale teams, gooit de gemeente het over een andere boeg. Op 1 november 2009 lopen de contracten voor thuiszorg af. B & W besluit aan de nieuw te contracteren thuiszorgorganisaties de eis te stellen zowel huishoudelijke hulp als persoonlijke zorg en verpleging te leveren. Ook moet men bereid zijn integrale zorg te bieden vanuit een locatie in de buurt, zoals de wijkservicecentra in de proefwijken. Het onderscheid tussen de verschillende soorten hulp en zorg vervalt, er komt één uurtarief van 25,50 euro per uur. Alleen huishoudelijke taken (zogenoemde A-diensten) moeten Europees worden aanbesteed, zorg en maatschappelijke diensten (B-diensten) niet verwijzen naar eerder artikel Z + W?.

De combinatie van de verschillende diensten kan De Bilt dus onderhands aanbesteden. De gemeente meldt op de (digitale) aanbestedingskalender in Brussel dat De Bilt dat van plan is en wacht vervolgens af of er (benadeelde) aanbieders van huishoudelijke hulp zijn die bezwaar aantekenen. Dat gebeurt niet, waarna de weg vrij is zaken te doen zoals de gemeente wil. Men deelt De Bilt in vier wijken in, neemt integrale wijkteams als voorwaarde op in het bestek en biedt lokale/regionale zorgaanbieders aan elk een (of twee) wijken voor z’n rekening te nemen. Dat betekent dat alleen thuiszorgorganisaties in aanmerking komen die zowel huishoudelijke hulp als AWBZ-zorg kunnen leveren. Mittendorff: ‘Er waren er zes die dat graag wilden en konden. We hebben er drie uitgekozen die het best aan onze eisen voldoen: Cordaan, Beeuwkes en De Bilthuysen. Met hen hebben we prijsafspraken gemaakt en een overeenkomst voor vier jaar afgesloten.’

Toekomst

De elf samenwerkingspartners van het innovatieproject MENS blijven ondertussen bij elkaar komen. Men wil nog meer leun- en steundiensten koppelen aan de integrale wijkteams, zoals 24-uurs zorg in de wijk, specialistische zorg aan huis en een wijkrestaurant. Daar werkt men samen aan. In de toekomst kunnen mogelijk ook scholieren hun maatschappelijke stage lopen bij de wijkzorgteams.

In De Bilt werken geen huishoudelijke hulpen meer van andere organisaties dan van de drie genoemde, maar wel verzorgenden en verpleegkundigen van andere AWBZ-zorgaanbieders. De gemeente heeft immers geen instrument ook de AWBZ-zorg te sturen. Maar als de hulpbehoevende bewoners in alle wijken een voorkeur hebben voor integrale zorg en Cordaan, Beeuwkes of De Bilthuysen hun werk goed doen, is dat een kwestie van tijd.

Zorg + Welzijn, 2010

Categorie: Zorg & welzijn Tags: Europese aanbesteding, wijkzorgteams

  • Pagina 1
  • Pagina 2
  • Ga naar Volgende pagina »

Primaire Sidebar

    Artikelen

    Selecteer subcategorie
    category
    6a3264dab7a23
    1
    1
    27
    Loading....

    Volg mij op

    • LinkedIn

    © 2026 Annemiek Onstenk, journalist | Tekst, redactie & research | Techniek WordPress | Realisatie Zin in Webdesign